29-08-06

~ Wildert-Wevelgem ~

 

Een plots opgewelde treurnis overvalt me en blijft hangen in deze kamer, alwaar ik word verondersteld op te ruimen. Rondom dit beeldscherm voorwerpen verspreid die me meer vertellen dan ik zelf zou willen. Links de dvd’s van Het Eiland en mijn trouwe, blauwe adidas-deo “for men”. Rechts de inhoud van mijn kampbroek: een rol tape, een aansteker, een kluwen touw, een breekmes en een go-pass waarvan de laatste rit: “Wildert-Wevelgem” luidt. Ik zucht. Ik produceer iets wat een glimlach zou moeten voorstellen maar het niet is.

 

Na wat men “een meer dan spannende zomer” zou noemen, stonden negen dagen christelijk kamp voor de deur. Ik zou liegen indien ik hier neer zou schrijven dat ik me erop verheugde. Erin geluisd was ik. Of ik dan niet gewoon wilde meegaan om de spelletjes te begeleiden? Nee dacht ik, het moet gedaan zijn met dat godsvruchtige leven, vier jaren “vol van de Heer” hadden me vervreemd van onze maatschappij en ik wilde niet terug. Ja zei ik, met een hartje dat nog net een kruimel groot was. Enkel omdat ik mezelf wilde tonen dat ik dat kon: een team leiden.

 

Vreemd dat ik op dit eigenste moment een schroom voel mijn ervaringen te delen. Alsof ik ineens niet avontuurlijk meer ben wanneer ik zeg dat ik negen fantastische dagen beleefde.

 

De eerste vijf dagen was ik er om te helpen het kamp op te bouwen. Daar we de eerste dagen slechts met drie meisjes waren, betekende dit in mijn geval vooral koken, afwassen, schoonmaken, zoals het christelijke vrouwen betaamt. Ik maak, uiteraard, een grap. Tussen het tenten rechtzetten en hudo’s (voor de leken onder u: Houd Uw Darmen Open) helpen opzetten, leerde ik er macaroni en worst koken van een zestienjarige die meer praktisch verstand toonde dan ik ooit zal bezitten. Waarvoor oprechte dank.

 

Maar dit alles interesseert u hoogstwaarschijnlijk niet. Ik glimlach en noem losse anekdotes op uit dat fameuze voorkamp.

 

{Dag 1} ~ De hemel barstte open en verscheidene bliksems sloegen in op… de bliksemafleider. De grote hoeveelheid regen verhinderde elk zicht doorheen de ramen van de sporthal die wij ter onze beschikking hadden. De bijna-jarige keek me ondeugend aan en viste twee zwemshorts uit zijn enorme rugzak. Een halve minuut later hosten en dansten we beiden onder de hemelse douche, elkaar natspettend, de armen om ons heen zwaaiend terwijl we gilden en dolden.

 

{Dag 2} ~ Het werd al avond toen mijn surrogaat grote broer de kampplaats bereikte. Zijn kleine, fijne vriendin zou een dag later volgen. Ik vloog hem om de nek en de komende eeuwigdurende minuut lieten we elkander niet los. Een warme gloed gleed doorheen mijn leden. En voor het eerst sinds het afscheid op wereldkamp kwam ik weer thuis. Die avond maakten we een lange wandeling doorheen het fantastisch mooie bos dat we van de ~ hoe kan het anders ~ paters mochten gebruiken. Ik ratelde honderduit over beleefde avonturen, over hoe ik groter werd en gekke dingen deed die ik amper kon plaatsen. Hij, ruimdenkend als altijd, luisterde en reageerde. Met dat eeuwige relativeringsvermogen en die droge humor die enkel hem zo kan sieren. Liefde heeft vele gezichten. Hij is er eentje van…

 

{Dag 5} ~ Mensen begonnen tekenen van vermoeidheid te tonen wanneer het voorkamp haar einde naderde. De laatste sjorringen werden voltrokken, de laatste dansen en sketches werden ingeoefend. Het werd na middernacht wanneer het kernteam haar vergadering hield. De oogjes van dit meisje werden almaar kleiner maar ze vermande zich. Als jongste genoot ik echter soms wat mededogen. Zo werd ik die bewuste avond naar mijn tent geleid door een mannelijk individu met een lampje op z’n hoofd dat me aan mijnwerkers deed denken. Mijn mobieltje gaf namelijk net niet genoeg licht om te voorkomen dat ik tegen nietsvermoedende struiken en bomen aanliep. De avondgeleide mondde uit in een heuse nachtelijke boswandeling. Er werd gepraat. Eerst wat aarzelend, terughoudend alsof we elkaar wilden inschatten. Maanden geleden dat we nog meer dan drie zinnen hadden uitgewisseld.

“Laten we opnieuw beginnen.”

“Het doet deugd.”

Uiteindelijk vonden we de tenten en elkander terug…

 

Het eigenlijke kamp begon en ik kreeg het razend druk. Het waren vier goddelijke dagen. We zongen en dansten, genoten van kampstilte en krijsten het uit. We verorberden zes maaltijden per dag: ontbijt, elfuurtje, middagmaal, vieruurtje, avondmaal en toetje voor het slapengaan. We gaven elkaar de hand en baden samen, ieder tot z’n eigen god. We praatten en praatten en werden plots ontroerend stil. We vierden verjaardagen en hosten van de ene plaats naar de andere terwijl motregen afgewisseld werd met stortvlagen en stralende zon.

 

Hier ook voorzie ik u ongevraagd van een paar anekdotes.

 

{Dag 7} ~ Terwijl vier kilometer van onze biotoop vandaan de straten blank stonden en de druppels niet ophielden met de aarde te teisteren, genoten wij van een blauwe hemel overdag en een overweldigend sterrentapijt ’s nachts.

 

Die bewuste vrijdag was een absolute topdag voor het hart en zelfvertrouwen van dit kind. Honderd dertig bezielde wasknijperstelers, een cluedospel waarbij de verdachten varieerden van Miss België over een hond tot bij de paus en een quiz met fietsbanden en hilarische filmpjes. De mannen en vrouwen achter dit alles:  Het Sport&Spel-team. Zeven pareltjes van individuen en mezelf. De ervaren no-nonsense lieve werker die het kamp deels moest missen omwille van een herexamen, de kritische babbelaar en weetal vol ideeën, de rustige nederige allerliefste gestructureerde vriendin, de intelligente grappige ondernemende actievelinge, de knotsgekke tweeling en hun stille doch verrassende vriend. Zij hadden dit meisje als “teamleider”: de immer gepassioneerde en verstrooide babbelaar/gek.

 

{Dag 8} ~ De hele dag ~ denk aan workshops waarin voeten beschilderd worden, mijn persoonlijke slaven die betaald werden in natura en een oude bekende die me vroeg of ik op meisjes viel ~ verdwijnt in het niets bij het aanschouwen van de avond. Eén onzer teamleden kwam aan na het herexamen en verwarmde ieders hart. We smeerden toastjes met lieve briefjes voor elkander en voerden gesprekken over wonderen en goden en vooral twijfels en verlangens. We genoten van hotdogs en kaaskroketten en van het optreden van de band. Een rock-en-zoveel-meer-groep waarvan het gemiddelde “wannebe”bandje nog wat kan leren. Vier mannen en een vrouw. Zij zingt. Soms vals, soms duizelingwekkend mooi. Hij zingt warm en rauw en begeleidt op gitaar.  Geniale drummer. Charmante keyboardspeler. Voormalig percussieman aan de bas. Hij staat recht. Op aanvraag.

 

{Dag 9} ~ Op de trein huiswaarts tijd om alle nieuwverworven vrienden te overlopen en te beginnen missen. De twee lange blonde vijftienjarigen met ambities voor MC, de twee warme krullenbollen of korter gezegd Warmenbols en zovele andere grote en kleine mensen onderweg naar morgen.

 

Even was ik thuis…

 

Beseffende dat dit epistel onsamenhangend en uiterst oninteressant is voor al wie het kamp niet bijwoonde, groet ik u  en verzoek u mild te oordelen. Ik bracht vandaag en gisteren net als de komende dertien dagen door tussen schoonmaakproducten en zeventigplussers. Dit kon beter. Ik post het toch. Voor mezelf.

 

Immer schroomvol,

 

je Cé.

 

 

23:10 Gepost door La fille C | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

Commentaren

herkenbaar Tja, voor wie er wel bij was is menige glimlach niet te onderdrukken bij het lezen van jouw relaas over die fantastische dagen!

één van je mede-sport-en-spellers die houdt van In de Gloria en Het Eiland ;-)

Gepost door: JV | 29-08-06

;-) ik herken je relaas uit de verhalen van mijn zus die vele chirolampen heeft gedaan als lid, leidster en groepsleidster ;-)

dat plensen in de regen zou me een longontsteking bezorgen denk ik :p

sfeervol en warm klinkt je ervaring, mooi!

Gepost door: lord cms | 29-08-06

En wat nu? En wat nu? Waar geloof je nu nog in? Wat is duidelijker/onduidelijker geworden?

Gepost door: MD | 31-08-06

De commentaren zijn gesloten.